Aanbid en kniel voor God

Opnieuw nam de duivel Hem mee, nu naar een zeer hoge berg, en Hij liet Hem al de koninkrijken van de wereld zien, met hun heerlijkheid, en zei tegen Hem: Dit alles zal ik U geven, als U knielt en mij aanbidt. Toen zei Jezus tegen hem: Ga weg, satan, want er staat geschreven: De Heere, uw God, zult u aanbidden en Hem alleen dienen. Toen liet de duivel Hem gaan; en zie, engelen kwamen en dienden Hem.” (Matthëus 4: 8-11)

De duivel daagt Jezus uit als Hij veertig dagen en nachten heeft gevast en honger heeft. Hij daagt Jezus uit om te bewijzen dat Hij Gods Zoon is door drie uitdagingen te doen, uitdaging om te knielen voor de duivel is de derde. Wat zich vervolgens ontvouwt lijkt een steekspel met bijbelteksten, waarin de duivel uitdaagt en Jezus zich verweert met een tekst om het niet te hoeven doen. Maar Jezus verweert zich niet alleen, Hij leert ook een les. Wat kunnen we leren van deze les naar aanleiding van de verleidingen van de duivel aan Gods Zoon?

Omgekeerde wereld
In de voorgaande twee uitdagingen daagt de duivel Jezus uit om te laten zien dat Hij Gods Zoon is. Deze keer doet hij dat niet, hij laat het achterwege. Wat zich in deze laatste uitdaging ontvouwt is een uitdaging van de duivel waarin hij aan Jezus vraagt om alles om te draaien. Hij vraagt aan God om voor hem te knielen. Jezus haalt als antwoord een tekst uit Deuteronomium aan, die vindbaar is op drie plekken (hoofdstuk 6, 10 en 13), ik gebruik alleen hoofdstuk 10 vers 20: “De HEERE, uw God, moet u vrezen, Hem moet u dienen, aan Hem moet u zich vasthouden en bij Zijn Naam moet u zweren.” Hiermee zet Jezus de duivel op zijn plek, Hij spreekt de duivel aan op iets wat hij heeft nagelaten. De duivel knielt niet voor God en vreest God niet. De duivel heeft het omgedraaid, hij vraagt God om voor Hem te knielen. En ook daarvoor al is de duivel gestopt met het aanbidden en dienen van God.

Dit kan ook in ons leven gebeuren. We zeggen het niet met zoveel woorden maar we verwachten het wel. Letterlijk knielen hoeft God niet, maar we willen wel dat Hij ons dient. Hij moet ons geven waar wij naar verlangen. Ons leven moet vormgegeven worden zoals wij dat willen. De pot voelt zich de pottenbakker, waarbij het de Maker vertelt hoe Hij zijn werk moet uitvoeren. We draaien het om en vragen God om ons te dienen.

We zeggen het niet met zoveel woorden maar we verwachten het wel. Letterlijk knielen hoeft God niet, maar we willen wel dat Hij ons dient. Hij moet ons geven waar wij naar verlangen.

God is het waard
Als Jezus Zijn koningschap boven God gesteld had was het knielen de makkelijke weg geweest, een sluiproute, zo gezegd. De wereld zal niet langer onder heerschappij van de duivel zijn maar onder dat van Hem. Dan had Jezus de macht over alle mensen en de regie over de schepping terug gehad maar had Hij ze niet gered van de duivel. En Hij zou hiervoor wel Gods wil los moeten laten en accepteren dat de duivel heerschappij over Hem had. Voor ons zou dat de weg kunnen zijn: even God vergeten en zo op een makkelijkere manier ons doel bereiken. Het scheelt ons lijden en pijn. Dat we de duivel dienen nemen we op de koop toe.

Jezus kiest niet voor die weg. Hij zal de heerschappij krijgen, maar Gods wil volgen en Hem dienen blijft bovenaan staan. Hij knielt niet voor iemand anders dan God alleen. Het kost Hem later het kruis en een moment van verlatenheid van God, maar Hij zal God niet vergeten door via een andere route Zijn koningschap te bereiken. Ja, het kost Hem lijden en pijn maar Hij neemt Zijn kruis gewillig op zich. God is veel groter dan het lijden en de pijn en Hij is het waard om dat te dragen. Hem dienen door pijn en lijden heen laat zien dat je Hem liefhebt met heel je hart, ziel en verstand. Dat is alles waard.

God is alles waard. God is van oneindige waarde. Aanbid dus alleen God en dien alleen Hem. Zie op Zijn onschatbare waarde.

Als Jezus ervoor kiest om niet te knielen, maar een weg te gaan van verlating en pijn, hoeveel is God dienen dan waard? Zie het perspectief: Als Jezus, met al Zijn kennis, weet wat de consequenties van Zijn keuzes zullen zijn, toch kiest om God te dienen en niet andere goden, hoeveel moet God dienen dan waard zijn? God is alles waard. God is van oneindige waarde. Aanbid dus alleen God en dien alleen Hem. Zie op Zijn onschatbare waarde.