De vrouw die Jezus volgt

Uit de rib van Adam geformeerd en een broos vat. Zomaar even twee omschrijvingen uit de Bijbel die over ons gaan (Gen 2:22, 1 Pet 3:7). Dat wil zeggen: de vrouw. Maar voor we verder gaan eerst even dit: de belangrijkste boodschap van de Bijbel is het Evangelie en deze oproep tot bekering en het aannemen van Jezus Christus als je Verlosser en Heer is voor iedereen, ongeacht afkomst, geslacht of leeftijd (Joh. 1:12-13). En dan nu even specifiek, als je dit gedaan hebt, hoe kunnen jij en ik als vrouw voor de Here Jezus leven?

Ik denk dat wij als jonge vrouwen de neiging hebben om te veel te kijken naar wat de wereld om ons heen vertelt over hoe een vrouw zou moeten zijn; of wat zij zou moeten doen. Toch? Laten we eens in Zijn woord naar een aantal vrouwen kijken, als voorbeeld.

Ik denk dat wij als jonge vrouwen de neiging hebben om te veel te kijken naar wat de wereld om ons heen vertelt over hoe een vrouw zou moeten zijn; of wat zij zou moeten doen.

Ik werd aan het denken gezet door een stuk wat ik las uit het Evangelie van Marcus. In Marcus 1 lezen we dat Jezus bij Simon Petrus thuiskomt en dat zijn schoonmoeder daar ziek op bed lag met koorts. Wanneer je in die tijd een fikse koorts had, wat net als vandaag op een flinke ontsteking duidt, kunnen we er wel vanuit gaan dat zij hier gemakkelijk aan zou kunnen overlijden. Een ernstige situatie dus. Waarschijnlijk was ze meer dood dan levend op dat moment. Kijk wat er gebeurt als Jezus binnenkomt: “En de schoonmoeder van Simon lag met koorts op bed, en zij spraken meteen met Hem over haar. En Hij ging naar haar toe, pakte haar hand en richtte haar op, en meteen verliet de koorts haar; en zij diende hen.” (Mar 1:30-31, HSV).

Jezus geneest de schoonmoeder van Petrus, een prachtig wonder! Er staat ook heel kort wat zij daarna direct ging doen: zij diende hen. Dat viel mij op, ze is genezen en kan weer gezond rondlopen en het eerste wat zij doet is vervolgens in haar huis dienen. Ik zie het zo voor me dat ze meteen zorgde voor een gemakkelijke zitplek voor haar schoonzoon en de andere gasten, ze al haar spullen bij elkaar pakte en voor verfrissing en misschien een lekkere maaltijd zorgde. Het viel mij ook op dat er staat dat de mannen meteen aan Jezus vertelde over Petrus’ zieke schoonmoeder, direct toen ze thuiskwamen. Zij waren van hun kant dus erg bezorgd over deze vrouw en hadden oog voor haar welzijn.

Laten we ook eens kijken naar Lydia. Die je waarschijnlijk kent als dé purperverkoopster (ze was heus niet de enige, maar toch). Ze woonde in Tyatira en had haar hart geopend voor de Here. Ze luisterde naar wat Paulus haar vertelde en bekeerde zich. “En toen zij gedoopt was, en haar huisgenoten, drong zij er bij ons op aan: Als u van oordeel bent dat ik trouw ben aan de Here, kom dan in mijn huis en blijf er. En zij drong er sterk bij ons op aan.” (Han 16:15, HSV). Ik vind het mooi om te lezen dat zij graag wat wil betekenen nadat zij Jezus heeft leren kennen, en daar dringt ze nota bene sterk bij op aan: kom in mijn huis, laat mij jullie helpen en verzorgen, ik wil jullie gastvrouw zijn! Ze had oog voor de mannen en hun behoefte hierin, en drong er sterk bij hen op aan.

Ook Febe deed dat, over haar staat in Romeinen 16:1-2: “En ik beveel u Febe, onze zuster, aan, die een dienares is van de gemeente die in Kenchreeën is, opdat u haar ontvangt in de Heere op een wijze die de heiligen waardig is, en haar bijstaat in elke zaak waarin zij u nodig heeft, want ook zij heeft zelf bijstand verleend aan velen, ook aan mijzelf.”. Paulus dringt erop aan dat ze Febe als één van de heiligen, als een volgeling van de Here Jezus, moeten ontvangen. Waarom? Omdat zij ondersteuning heeft geboden aan Paulus, en heel veel anderen. We weten niet waar die ondersteuning precies uit bestond, misschien was het een luisterend oor, bemoedigende woorden, liefdevolle verzorging of praktische hulp. Duidelijk is dat ze een geliefd dienares van Jezus was. En dat was ontzettend waardevol, zien we uit deze speciale aandacht die Paulus besteed aan hoe zij behandeld moet worden.

Tot slot, lezen we in Romeinen 16:3 en 4 over Priscilla: “Groet Priscilla en Aquila (haar man), mijn medearbeiders in Christus Jezus. Zij hebben voor mijn leven hun hals gewaagd. Niet alleen ik ben hun dankbaar, maar ook alle gemeenten van de heidenen.” In Handelingen 18:2 lezen we dat dit echtpaar Paulus in huis nam en met hem samenwerkten, ze waren beiden tentenmakers. Hierin zal Priscilla een andere rol hebben gehad dan Aquila. Ze zorgde voor de mannen, ondersteunde hen, en zoals je kunt lezen: heeft haar hals gewaagd voor het leven van Paulus. En wat hadden Aquila en Priscilla gemeenschappelijk? Ze kende de Schrift. Als er namelijk een geleerde Jood, Apollos, in hun gemeente komt waarvan ze merken dat hij niet het hele Evangelie kent doen ze dit: “En toen Aquila en Priscilla hem gehoord hadden, namen zij hem apart en legden hem de weg van God nauwkeuriger uit.” (Han 18:26) Kortom, Priscilla kende het Woord van Jezus en zij gaf haar leven en ondersteunde de gemeente. Dat is enorm moedig en een krachtig werk van de Here God.

Deze vrouwen laten jou en mij zien wat zij wilden doen zodra Jezus hen genezen had; wat zij deden in hun gemeente; wat zij deden als één of meer van de discipelen van Jezus in nood waren: dienen en zorgen. Hun huis openstellen, hun tijd en leven geven, voorzien in hun lichamelijke behoeften, meedenken en ondersteunen. En tot slot, het Woord kennen, bewaren en vertellen. Getuigen dus! Hopelijk krijgt het dienen voor jou als vrouw nu een mooiere betekenis dan je wellicht hiervoor had. Het is door God in de vrouw gelegd: mannen kunnen dit niet op de manier zoals vrouwen dat kunnen. Ik hoop dat je met een blijmoedig hart dit leest en met bewondering naar deze vrouwen kijkt. We mogen van hen leren, laten we dat ook doen. Wij zijn als vrouwen nodig, als ondersteuners en helpers, in dienst van en getuigend van Jezus Christus, die het Hoofd is van allen!

Wij zijn als vrouwen nodig, als ondersteuners en helpers, in dienst van en getuigend van Jezus Christus, die het Hoofd is van allen!