Niet veilig, maar goed: de mannen die wij nodig hebben

Ik kan me de verrassende gedachte nog herinneren: Jezus lijkt niet heel aardig.

Jezus was vol van compassie, genade en geduld, maar ik las in Markus ook dingen die mij verrasten. Dingen die er vandaag voor hadden gezorgd dat hij aangevallen zou worden op Twitter en gerapporteerd zou worden op Facebook. 

Op dat moment ging ik bij mijzelf te rade: wanneer Jezus niet ‘aardig’ is, als Hij – degene naar wie alle christelijke vrouwen opkijken (2 Korintiërs 3:18) en de belichaming van een godvrezende man – niet past in mijn visie op man zijn, dan betekent het dat niet Hij, maar mijn visie moet veranderen. Hoe langer ik nadacht over Hem en de lange lijn van mannen in de Bijbel, hoe meer ik geconfronteerd werd: zouden zij wel passen in mijn huidige mening over mannelijkheid? 

Hoe zit dat met jou? Als jij denkt aan een goede Christelijke man, een betrokken gemeentelid, een godvrezende man, welke kenmerken komen dan bij jou op?

Eigenschappen als vrijgevig, bedachtzaam en meegaand? Is deze man zelden tot last, kan hij goed luisteren en is hij sympathiek? Spreekt hij netjes en dient hij met liefde? Schuift hij regelmatig op richting de mening van een ander? Aan de ene kant klinkt dit ideaalplaatje heel goed, maar als deze gevoelige kant alles is, zouden wij het moeten zien als heel verkeerd.

Mannen van God zijn inderdaad barmhartig, nederig, dienstbaar en liefdevol. Dat is waar, maar is het de volledige waarheid? Is het ideaal van mannelijkheid in de moderne kerk niet slechts een schaduw geworden van wat God bedoeld had? 

Niet veilig, maar goed
Wanneer wij onderwijs geven over mannelijkheid, halen eigenschappen als kracht, initiatief, bezieling en moed onze lijst? Wanneer wij mannen zoeken voor de oudstenraad, leiders voor de Bijbelstudie of mentoren, zijn dat dan mannen die goede herders zouden zijn: ijverig, gepassioneerd, veerkrachtig, in staat de schapen bij elkaar te houden en bereid om te vechten tegen de wolven? 

Prijzen wij mannelijke kracht, moed, bezieling en initiatief omdat wij weten dat deze kwaliteiten nodig zijn om te bewaken, te beschermen, te beheersen en te leiden? Mannen van God die zachtaardig zijn omdat ze in de eerste plaats sterk zijn? Mannen als Gandalf die, nadat hij zijn kracht van aanwezigheid heeft laten stralen, zachtjes tegen Bilbo kon zeggen: “ik probeer je niet te beroven, ik probeer je te helpen”. Een tijger, niet een katje, kan zachtmoedig zijn omdat hij allereerst sterk is.

De mannelijkheid met een leeuwenhart die Aslans beschrijft wordt bedreigd: “niet veilig, maar goed”. Onze huidige idealen, zoals ik die had, hebben geen goedheid nodig om mannen veilig te maken. Ze zorgen ervoor dat mannen veilig zijn ongeacht hun goedheid. De man die is herboren naar dit beeld zegt nooit iets oncomfortabels, vermaant niet en laat weinig tot nooit initiatief zien. Hij wordt aangezet om zonder overtuiging, zonder passie en misschien zelfs zonder Christus te zijn; als hij maar ingetogen is.

Maar dat is niet de visie van Hem die de man gemaakt heeft. In plaats van de scherpe randjes eraf te halen heeft God een andere methode om goede mannen te maken: wedergeboorte, kijken op Christus en training in rechtvaardigheid. Een Godgericht leven moet zijn natuurlijke gevaren uitbalanceren. Hij bereikt de volwassen mannelijkheid door de vrucht van de Geest, niet door het afdoen aan zijn door God geschapen natuur. Goedheid, zelfbeheersing en compassie brengen zijn kracht, moed en vastberadenheid op smaak. Het verduistert hem niet.

Waar zijn de mannen heen?
Zulke mannen, zachtmoedig en sterk, presenteren een paradox richting de wereld. Hij bouwt zijn gezin op, stoeit met zijn zonen, drinkt thee met zijn dochters en draagt zijn zwaard in de strijd tegen de duisternis. Hij is een soldaat van Christus die slaapt in zijn harnas, fel, rustig en vriendelijk waar hij ook is. De beschrijving kan met hulp van de Heilige Geest teruggebracht worden tot: “U was de meest zachtmoedige man die ooit in de dameszaal gegeten heeft, en u was de meest onverzettelijke ridder voor uw sterfelijke vijand die ooit een speer in de rust had gezet” (Le Morte D’Arthur). 

Wij vergissen ons als we die twee uit elkaar halen: het wrede aan de ene kant, het zachte aan de andere kant. Terwijl onze samenleving steeds meer kiest voor het laatste, vragen sommigen zich af waar alle mannen naartoe zijn gegaan?

Wij lezen, alsof het over aliens gaat, over mannen die “door het geloof koninkrijken hebben overwonnen, gerechtigheid in praktijk hebben gebracht, beloften hebben verkregen, muilen van leeuwen hebben gesloten. Zij hebben de kracht van het vuur geblust, zij zijn aan de scherpte van het zwaard ontkomen, zij hebben in zwakheid kracht ontvangen, zij zijn machtig geworden in de oorlog, legers van vreemden hebben zij op de vlucht gejaagd” (Hebreeën 11:33-34). Mannen die actief zochten naar glorie, eer en onsterfelijkheid. Mannen van geloof die hoopten op een beter land dan zij hadden. Mannen die veel riskeerden, die veel verloren maar meer kregen. Mannen die leefden door het geloof in de levende God.

Toen ik de lange rij van godvrezende mannen bekeek vroeg ik mij echt af hoeveel oude heiligen zich oncomfortabel zouden voelen met de vervrouwelijking, niet alleen in onze samenleving maar ook in onze kerken.

Lauwe godsdienst, laten wij dat niet vergeten, leidt tot lauwe mannelijkheid. En lauwe mannelijkheid staat het toe dat teveel mannen voorbij gaan aan de kerk ten faveure van de Islam, Jordan Peterson of simpelweg sport op tv – op de weg richting eeuwige verdoemenis.

Dovende vlam van mannelijkheid
Toen ik de lange rij van godvrezende mannen bekeek vroeg ik mij echt af hoeveel oude heiligen zich oncomfortabel zouden voelen met de vervrouwelijking, niet alleen in onze samenleving maar ook in onze kerken.

Zouden wij die oude heiligen ontmannen? Zouden wij Abraham berispen voor zijn dwalen, Jakob voor zijn worstelen, Jozua voor vechten, Elia voor klagen, Noah voor zijn krankzinnig zijn, Job voor zijn arrogantie, Daniël voor zijn onbeleefdheid, Nehemia voor geweld, Nathan voor dominantie, Johannes de Doper voor verkeerd taalgebruik, Paulus voor verdeeldheid zaaien en de Zoon van God voor het slaan met een zweep en het omgooien voor tafels in de tempel? 

Hebben wij gekozen voor de voordelen van vriendelijkheid over de nadelen van godzaligheid? Ik ben er bang voor dat er een dag komt dat ik comfortabel lig te rusten onder de beschrijving: “hier ligt een vader, man en kerkganger – gewoon een heel aardige gast.

“Aardig” zegt niets over ruggengraat, scherpe randjes of moed en dus kan het weinig zeggen over rechtvaardigheid of betekenis. Aardig vereist geen moed, overtuiging of de bereidheid om vijandschap te creëren tegen het kwaad. Jezus waarschuwt voor dit soort acceptatie: “Wee u, wanneer alle mensen goed van u spreken, want hun vaderen deden evenzo met de valse profeten” (Lukas 6:26).

Nu kan het zijn dat wij gaan overreageren op de plekken waar we zijn afgeweken. Dit zou ons kunnen brengen in het andere uiterste van giftige mannelijkheid. Zulke gruwelijkheden blijven bestaan, in alle wreedheid, misbruik en lafheid. Wij moeten “goed, maar niet sterk” niet inwisselen voor “sterk, maar niet goed”. Wij moeten niet vooruit in het vlees, maar geleid door de Geest. Wij moeten niet akkoord gaan met het gevoel dat we een man zijn in onze eigen kracht. Wij moeten betere mannen worden door goddelijke kracht en het sterven aan onszelf. 

Een vurige man
De eerste stap op weg naar herstel is het wederom benadrukken van een eigenschap die mannen van God bezitten: goddelijke jaloersheid. We moeten de hartslag en overtuiging van de godvrezende man terugwinnen, niet alleen zijn daden.

Goddelijke jaloersheid maakt goede mannen gevaarlijk, voor de wereld, het vlees en de duivel.

Onze God is een jaloers God (Exodus 20:5). Hij zal Zijn glorie of Zijn bruid niet delen met een ander. Hij vormt mannen die een steeds groter vuur van Zijn rechtvaardige jaloezie in zich hebben. Deze mannen, vurig met bezieling voor Gods glorie, voor de gezondheid van de gemeente en voor verloren zielen, zullen in bepaalde situaties ontploffen om de stilstand te vernietigen. Passie voor Gods glorie, niet voor culturele beleefdheid of seculiere gevoeligheid, is het juiste harnas voor Bijbelse mannelijkheid. Goddelijke jaloersheid maakt goede mannen gevaarlijk, voor de wereld, het vlees en de duivel.

Denk aan Mozes, de meest zachtmoedige man op aarde (Numeri 12:3). Woest door de afgoderij van zijn volk breekt hij de stenen tafelen, smelt hij het gouden kalf en laat het hen drinken (Exodus 32:20). Zijn liefde voor zijn volk en Gods glorie handelde resoluut tegen hun afgoderij.

Denk aan David, de liedjes-schrijvende-schapen-jongen die niet kon blijven toekijken om te zien hoe een onbesneden Filistijn de legers van de Heer uitdaagde, hoe dreigend het ook leek (1 Samuël 17:26). Hij kon niet stil blijven luisteren terwijl de naam van Zijn God werd gelasterd.

Denk aan Pinehas, een Afrikaan wiens naam “de Neger” betekent. Gevuld met Gods jaloersheid wendde hij Gods toorn af door twee arrogante zondaren dood te steken op het hoogtepunt van hun romantische verhouding (Numeri 25:6-13).

Denk aan Elia, een man gekweld door het ongeloof van Israël. Hij organiseerde een confrontatie met de profeten van Baäl en bespotte hen urenlang (1 Koningen 18:20-40). Het was zijn verlangen dat deze mensen de ware God zouden kennen en Hem alleen zouden volgen. 

Denk aan Paulus, een voormalig vervolger van de kerk die geprikkeld raakte toen hij de volledige stad gevuld zag met de verering van afgoden, in plaats van het eren van Jezus. Hij daagde publiekelijk de grote filosofen en heersers van Athene uit (Handelingen 17:16). Hij leefde voor het Koninkrijk terwijl hij werd uitgelachen, tegengewerkt en geslagen.

Mannen van de Koning
Denk aan Jezus Christus, die zwepen pakte, mensen uitschold en beloofde terug te keren met getrokken wapens. Hij is de Leeuw van Juda die neerknielde en met kinderen speelde (Markus 10:14). En Hij is het Lam waar mensen van weg zullen rennen, onsuccesvol smekend of de bergen hen kunnen vernietigen in plaats van Zijn toorn te ontmoeten (Openbaringen 6:16).

Hij heeft alle “valse redeneringen en elke hoogte die zich verheft tegen de kennis van God” vernietigd (2 Korintiërs 10:5). Hij vernietigde de schedel van de draak, toch zal Hij het geknakte riet niet breken (Jesaja 42:3). En Hij ging naar Golgotha, niet omdat vriendelijkheid Hem buiten de stad leidde om te sterven tussen de dieven en het vuilnis maar omdat Hij vol liefde was voor Zijn bruid, de naam van Zijn Vader en Zijn eigen glorie (Johannes 17:4; Romeinen 3:25-26; 1 Petrus 3:18).

De mannen van de Koning zullen gevonden worden, samen met Christus, in het zwaarste gedeelte van de strijd. Zij vermijden een leven van verspilling.

Spurgeons laatste woorden vanaf de preekstoel schetsen het juiste ideaal:

“Jezus is de grootmoedigste onder de leiders. Er was nooit iemand als Hij onder de beste prinsen. Hij is altijd te vinden in het zwaarste gedeelte van het gevecht. Als er een koude wind waait neemt Hij altijd de meest gure kant van de heuvel. Het zwaarste gedeelte van het kruis ligt altijd op Zijn schouders. Als Hij ons gebiedt een last te dragen, draagt Hij het ook. Als er iets is dat genadig, vrijgevig, aardig, teder, royaal en overvloedig in liefde is, vind je dat altijd in Hem.” (Spurgeon: Prince of Preachers, 288)

De mannen van de Koning zullen gevonden worden, samen met Christus, in het zwaarste gedeelte van de strijd. Zij vermijden een leven van verspilling, van: niets durven, warm worden voor leegte, geen initiatief nemen, geen standpunt innemen, geen krachtig geloof opbouwen, het niet deelnemen aan geestelijke oorlogsvoering, het niet dragen van lasten en het niet planten van vlaggen op nog te overwinnen bergtoppen. De mannen van deze Koning, vanwege de reden dat ze het verafschuwen om met schuimrubberen zwaarden te vechten tegen duistere krachten, creëren de meest veilige cultuur voor hun vrouwen en kinderen. Gevaarlijke mannen onder God, terwijl ze elkaar verantwoordelijk houden, zullen niet lijdzaam toekijken terwijl de beren de mensen pijnigen die zij zouden moeten beschermen en voeden.    

Zachtmoedig en fel. Sterk en teder. Leiders en dienaren. Niet veilig, maar goed. 

Mannen als Jezus.